|
||||||||
|
Het is alweer een tijdje geleden, maar hier is er nog eens eentje: een CD vol volkswijsjes, die gespeeld worden door een basis-duo, dat nauwelijks meer nodig heeft dan een “piffero” en een accordeon om de luisteraar mee te nemen naar de zogeheten Regio der Vier Provincies. Bekijk de piffero als een soort hobo of bombarde, de accordeon kent u. De heren Valla en Scurati specialiseren zich in het bewaren en opnieuw verspreiden van volksmuziek uit hun deel van de Apennijnen: de provincies Genova, Alessandria, Pavia en Piacenza. Die muziek werd in vroegere tijden vooral bekend door het werk van Ernesto en Giacomo Sala, die onder hun beiden zowat geheel verantwoordelijk blijken geweest te zijn voor het niet-verdwijnen van de volksmuziek uit hun regio. Valla en Scurati hebben die erfenis in dank aanvaard en houden zich bezich met het spelen bij alle gelegenheden, die zich in de bergdorpen aandienen en die door de lokale bevolking gretig worden aangegrepen om naar buiten te komen en zich te vermaken met dans en gezang. Daarnaast probeert het duo ook de rol van heuse ambassadeurs van hun muzikale traditie te zijn en spelen ze geregeld in allerlei buitenlanden en u kunt hen ook tegenkomen als deel van het Trio dell’ Apennino of van het kwartet Bellanöva, waarmee ze ongeveer hetzelfde repertoire spelen, maar in lichtjes andere arrangementen. Noem mij ouderwets of “blijven steken”, maar dit soort muziek raakt mij vanaf de eerste maat, simpelweg omdat de eerlijkheid er van afstraalt. Als ik de vertaling hoor van Boris Vian’s “Le déserteur”, hier vertaald als “”Il desertore contro ogni guerra”, dan smelt ik gewoon, ook al omdat de hele setlist zorgvuldig opgebouwd is en zorgt voor een fijne afwisseling van traditionals en nieuw geschreven melodieën. Valla en Scurati weten ook wanneer ze de hulp moeten inroepen van andere muzikanten, om hun klankenpalet uit te breiden en zo komen mensen langs als Alessandro Losini, Francesca Vercesi, Diego Dobrilla en Fabio Rinaudo, alle vier belangrijke figuren in de hedendaagse folkscene in Italië, maar ook de Amerikaanse fiddler Casey Driessen tekent present en levert mee het bewijs dat muziek zich niet laat inperken door lands- of taalgrenzen. Dat levert een oerdegelijke, fijne folkplaat op, die perfect weet wat nodig is om mensen aan het dansen te brengen en tegelijk ook en oor te hebben voor melodie.Het volstaat dat u even luistert naar “C’era una ragazza” om te vatten wat ik bedoel. Zolang dit soort muziek gespeeld blijft worden, is er nog hoop voor onze wereld. (Dani Heyvaert)
|
|||||||