THE LIBERTINES @ AB - BRUSSEL, 05/03/16

The Libertines spelen een concert van superieure rammelrock.

De reünie van The Libertines is één van de grootste verrassingen van de laatste jaren. De groep bracht tussen 2002 en 2004 twee prima platen uit, “Up The Bracket” en het titelloze “The Libertines” met aan The Strokes verwante rock. De groep spatte in 2004 uit elkaar, vooral door Pete Doherty’s drugverslaving die hij maar niet onder controle kreeg. Hij brak zelfs in bij Carl Barât om enkele spullen van zijn maat te stelen; hiervoor kreeg hij een maandenlange gevangenisstraf. Pete Doherty richtte dan The Babyshambles op en Carl Barât begon op zijn beurt met The Libertines drummer Gary Powell Dirty Pretty Things. Zo gingen de beide spilfiguren elk hun eigen weg totdat ze in 2010 terug samenkwamen voor optredens op o.a. de Reading en Leeds festivals. Ze brachten vorig jaar ietwat verrassend zelfs het nieuwe, goed onthaalde album “Anthems For Doomed Youth” uit. The Libertines hebben steeds een dubieuze live reputatie gehad, benieuwd wat het vanavond gaat geven nadat ze gisteren reeds een gesmaakt concert gaven in de AB.

 

Don't Look Back Into The Sun

Voor de hoofdact aan de beurt is zie ik nog een groot deel van het concert van The Reverend & The Makers. Deze groep uit Sheffield bestaat uit twee gitaristen, een bassist, toetsenist/trompetist en drummer. De bebaarde frontman “The Reverend” Jon McClure is een echt showbeest en weet het publiek in te pakken met zijn energieke podiumpresence. De groep speelt zeer dansbare rock met elektro invloeden en het aan Romelu Lukaku opgedragen “Heavyweight Champion Of The World” is een absoluut hoogtepunt samen met slotsong “Silence Is Talking”, dat wordt opgefleurd met een uitbundige trompet. Een prima opwarmer voor The Libertines aan zet zijn.

De groep komt op onder de intro van David Bowies “Diamond Dogs”, vooraleer los te barsten met een energiek “Barbarians”. Het overwegend jonge publiek gaat meteen uit zijn dak en er ontstaat voor het podium een regelrechte moshpit. Dit gaat zo verder met “The Delaney”, “Horrorshow” en “Heart Of The Matter”. Het  publiek zingt, springt en danst er op los (ik vermoed vooral de ruime Britse fanbase), af en toe is er een enkele crowdsurfer te ontwaren. Het is duidelijk dat Carl Barât de orkestleider is die ervoor zorgt dat het concert in goede banen wordt geleid, mede door de super strakke ritmesectie met de onverstoorbare bassist John Hassell en meesterdrummer Gary Powell. De in bloot bovenlijf spelende Gary ontpopt zich tot de knuffelbeer van de band en wordt zelfs uitbundig toegezongen. Pete Doherty zorgt voor de onvoorspelbare factor in de set maar al bij al houdt  hij zich rustig en speelt redelijk gedisciplineerd. In vergelijking met de soloconcerten die ik van hem zag, die bij momenten tenenkrullend waren met weliswaar flarden van zijn genie, is hij een brave schooljongen geworden. De meest intense en magische momenten zijn wanneer de twee bloedbroeders hun gitaren (bijna) tegen elkaar aan schurken of wanneer ze samen in één microfoon zingen. Ze raken elkaar hierbij bijna met de lippen aan, het lijkt soms of ze elkaar gaan kussen. Haat en liefde liggen soms dicht bij elkaar. De samenzang is niet bepaald harmonieus te noemen maar geen fan die hierom maalt en dit zorgt net voor de charme van de groep. Gitaristen Carl en Pete zijn beiden, ondanks hun nonchalante stijl, bedrieglijk goed en dit maakt de groep net zo speciaal.

 

Can't Stand Me Now

De heren doen een ruime greep uit hun drie platen en hun in 2007 verschenen “Best Of,” maar het zijn vooral de nummers uit “Up The Bracket” en “Anthems For Doomed Youth” die de hoofdmoot uitmaken. Het concert begint enorm energiek maar krijgt halverwege toch wel een dip wanneer enkele rustigere songs aan bod komen. Het publiek is er zelfs even wat mak bij geworden. Gelukkig duurt dit niet lang en gaat het naar het einde toe terug crescendo met prijsbeesten zoals het fenomenaal gebrachte “Can’t Stand Me Now”, het briljante “Time For Heroes” en het rammelende “The Good Old Days”. De heren laten ons lang wachten vooraleer ze aan de bisronde beginnen, die verpletterend wordt ingezet met “Music When The Lights Go Out” en het concert eindigt apocalyptisch met “Don’t Look Back Into The Sun”. The Libertines zijn voorwaar een goed geoliede machine geworden en dit kan enkel maar toegejuicht worden. De chemie tussen Barât en Doherty is nog steeds intact en de som der delen is nog steeds meer waard dan de aparte delen. Iemand wiens voorkeur uitgaat naar gestroomlijnde, foutloos uitgevoerde rock was vandaag op de verkeerde plaats maar wie van superieure songs met een rafelig randje houdt heeft een concert gezien om in te lijsten.

Lou van Bergen

 

The Ha Ha Wall

Artiest info
website  
facebook  

AB - BRUSSEL, 05/03/16