HAGELAND BLUES & ROOTS NIGHT @ GC DE ROOS, GLABBEEK - 16/04/16

Het startsein voor het festivaljaar, een nieuwe locatie, frisse enthousiaste vrijwilligers en een trouw publiek dat de blues nog immer tegen het hart koestert…, dit alles biedt ‘Hageland Blues’ dat met een intrigerende affiche het bluesjaar opende. De avond voordien had elders in een andere provincie bluesman Fabrizio Poggi nog verteld dat wie niet van blues houdt een ‘hole’ in zijn soul heeft. Dat kan zeker niet gezegd worden van Rudi Coeckelberghs, één van de organisatoren van Hageland Blues, die na een intermezzo van één jaar de draad weer opneemt om binnenlandse en buitenlandse bluesfans met een gevarieerd programma te verblijden. De muzikanten kwamen niet alleen uit Vlaanderen en Wallonië, maar ook uit Canada en Frankrijk. Wereldmuzikant Roland Tchakounté heeft zelfs wortels in het Afrikaanse contingent. Het maakte dat je vanaf zes uur ’s middags bijna de klok rond kon genieten van verschillende bluesstijlen, waarin iedereen zijn gading kon vinden met als heerlijk hoogtepunt ‘Turn It Back’, een song van ‘The Blue Chevys’.

Elke festivalganger heeft echter zo zijn hoogtepunten, muzikaal of anderszins. In het gemeenschapscentrum De Roos wordt allang geen melk meer gedronken en menig broederschap wordt met een andersoortig heildronk beklonken. Waar het oude Meensel blues, nu Hageland Blues, patent op heeft, is wellicht het gedeeld plezier om opnieuw de blues te kunnen omarmen na de bluesstille vereenzaamde wintermaanden. Crisis, pannes, gevaarzones, besparingsrondes, wereldleed worden even vergeten om voluit te kunnen genieten van het muzikale aanbod.

The Give’m Hell Boys Blues

Met het trio Neris, Brie & Beer kwam je al direct in de mood. Als je van iemand kan zeggen dat hij de blues hartstochtelijk is toegewijd dan is het wel van gitarist Fernando Neris met zijn Spaanse roots, die desnoods in zijn eentje in een café in Barcelona of in ‘Tia Felipa’ zomaar een blues als Blind Willie Johnsons ‘Soul Of A man’ uit eigen hart kan laten oprijzen. Maar sinds kort speelt hij in een trioformatie, nu samen met bassist Jean Debry en drummer Eric Mingelbier. Het drietal baseert zich in hun concerten op oude tradities met een voorkeur voor groovy jazzy swingblues die erg aanstekelijk werkt. Ideaal als opener dus, al moest op dat ogenblik het grote publiek nog toestromen. Diegenen die wel present gaven werden alvast bedankt voor hun komst, waarna de vroege vogels konden genieten van songcovers als ‘T-Bone Shuffle’, de slowblues ‘Stormy Monday’ en een erg mooie versie van ‘Goin’ Down Slow’. Vooral bij de instrumentale nummers hoor je dat Fernando zowat de Rafael Nadal onder de gitaristen is. Maar ook de ritmesectie schitterde bij ‘Nerisatin’, een song die Fernando zelf schreef. Dit trio verdient het om binnen en buiten de landsgrenzen frequenter te worden geboekt. Qua groove, drive en enthousiasme sloten The Give’m Hell Boys Blues’ hierbij mooi aan, al brengen zij dan voornamelijk bluegrass en swampblues. Deze groep moest diezelfde avond nog elders optreden, vandaar de programmering zo vroeg op de avond. Want dit collectief, met in zijn gelederen gitarist Quinn Clark en banjospeler Brayton Farmer, zou met hun energieke punkrock en het ensemble van hun instrumenten zowat een bunker kunnen laten exploderen. Bijgevolg ook uitermate geschikt als afsluiter! Gitaren, banjo, drum, harmonica en vocalen, waaronder één vrouwelijke, sleepten je mee als in een plots opstekende wervelwind. De band gunde zich weinig adempauze. Er wachtte hen immers nog een rit naar een andere locatie, zodat de fans van countryrock en dansbare rock-a-billy in een ijltempo van deze act moesten genieten. Zij kruidden hun energieke songs met terloopse humor over whisky en bier - ‘Drink Until I Drown’ en ‘Me And The Whiskey’ - en kozen vooral songs uit hun ‘Barn Burner’ album zoals o.m. het helse ‘Gypsy Woman’, het furieuze ‘Bizarre Love Triangle’ en vooral de prachtige afsluiter ‘Wicked Game’, een overrompelend mooie song die naar meer deed verlangen.

The Blue Chevy’s

Voor méér zouden de Belgische The Blue Chevy’s’ zorgen met hun swing en rootsy rhytm’ & blues. Nog maar pas hebben zij hun EP ‘Turn It Back’ uitgebracht en de songs van dit album zou het achtkoppig groepje nagenoeg volledig in hun concert integreren. Zanger/bluesharpist Kris Bries, gitarist Frederic Martello, percussionist Philippe Martello en toetsenist Jan Ursi kregen voor de gelegenheid gezelschap van bassist Jan Van Parijs die met zijn contrabas af en toe choreografische stunts uithaalde. Oorspronkelijk zat hij ook in het Chevy’s clubje en desgevallend springt hij nog in. Het voltallig groepje, deftig uitgedost, concerteerde alsof koolsintels hun schoenzolen verschroeiden, daarbij nog opgezweept door de fascinerende drumbeat van Philippe Martello. Het harmonicawerk, de pianoboogie’s, bas, gitaren, wasbord en shakers maakten hun concert tot een feestgebeuren Ook saxofonist Koen Desloovere en trompettist Kim Vandeweyer stuurden vanaf de zijkant aan zodat je zou geloven dat de muzikanten zich vooraf gespijsd hadden met een geheim brouwsel uit hun achtertuin. Alsof het podium niet groot genoeg was werden er op de rand van het podium halsbrekende toeren uitgehaald en op het laatst mengde de band zich nog tussen het publiek. Bij dit alles zou je vergeten dat het bij hen toch allemaal geconcentreerd wordt rond hun swingende en opwindende blues. Het bezwerende ‘Burning Heart’, ‘Sitting On A Stone’, ‘Snakes’ en vooral het dynamische ‘Loving Fool’ waren hoogtepunten. Als een geïsoleerd eilandje ergens in het midden dook het zielsmooie ‘Turn It Back’ op, waarbij de klanken van de trompet voor rillingen zorgde, een gevisualiseerde song. Met het swingende ‘You Never Can Tell’ sloten de ‘Blue Chevy’s’ tenslotte glansrijk af. Hierna overklassen wordt moeilijk en het was alsof er bij de Blues Karloff Band’ een schaduw meespeelde ook al gooide de band zich vanaf het begin met overgave in hun mix van energieke bluesrock, geïnspireerd op de Britse bluesrock van Led Zeppelin & Co. Gitarist Paul ‘Shorty’ Van Camp die sinds heel kort de leadzang op zich neemt, sinds de frontman overleed, droeg enkele songs op aan de betreurde Alfie Falckenbach, naast promotor van de blues o.m. ook oprichter van Blues Boulevard Records. Zelf is Paul Van Camp zowel gepokt, gemazeld als gelooid in het ‘metal’ muziekgenre. Hij maakte o.m. deel uit van de ‘Killer’ band. Als een ruige Brusselse versie van de ‘angry’ Robert Plant vertolkte hij gepassioneerd alle songs, die hij in de nieuwe Live setting voor de eerste keer uitprobeerde. Zijn rauwe bluesstem past uitstekend bij songs als ‘Ready For Judgement Day’, titel van hun eerste album, of bij het rockende ‘I’m A Bluesman’, song uit het recent uitgebrachte ‘Light And Shade’. Bandlid Thomas Vanhaute, voorgesteld als de goudharige bluesman met de gouden gitaar, en de ritmesectie, met bassist Frans Ruzicka en drummer Milikan, bleven met veel drive het heilig vuur voeden zodat hun ‘Blackout Blues’ en ‘Crossroad Blues’ in diezelfde gruizige bedding baggerde als bijv. Pat Travers, The Gun Club of Jesus Volt.

Roland Tchakounté

Het ligt niet direct voor de hand om een bluesfestival te laten afsluiten door een in het Bamiléké’s dialect zingende bluesman. Toch maakte zanger/gitarist Roland Tchakounté er een fascinerende happening van samen met gitarist Mick Ravassat en o.a ook de geweldige drummer Larry Crockett. In de voorbije jaren heeft Tchakounté zich in zijn muziek wat meer van zijn Kameroense roots verwijderd, maar als geen ander weet hij hoe het Europees continent met dat van Afrika te verbinden. Wanneer hij zich op het taboeret neerzette was hij eerder geneigd om melancholisch te mijmeren over het land en volk van zijn voorvaderen. Zijn narratieve verhalen waren dan doortrokken van weemoed. Maar eens rechtop geveerd zoog hij je mee in dat tranceachtige ritme van zijn originele fusieblues, soms overhellend naar funk en boogie. Aan het begin vertelde hij je dat hij je wilde betrekken in zijn muzikale reis, wat hem met zijn schorre stem moeiteloos lukte, ook al trokken er na middernacht meer en meer vermoeide geesten naar het eigen huis voor een andersoortige droomreis. Zij echter, die in de ban bleven van het exotische  ‘Hey Hey, Kanen Baby’ of ‘Olele Africa’, ‘Immigrés’ of ‘Misery’, hetzij het aanstekelijke ‘Meba Gangsta’ en ‘Nguémé & Smiling Blues’, titeltrack van zijn laatste album, die werden ingewijd in het mysterieuze universum van de zanger/dichter; al zal zijn wereld wel nooit al zijn geheimen ontsluieren. Met enige verbeelding zag je echter de ochtendnevels zich als een sluier over Afrikaanse gronden verspreiden, al werd dit prozaïsch mede gesuggereerd door een rookmachine. Het kondigde het einde aan van een geslaagd bluesfestival dat over gans de lijn gelukkig maakte, mede tot stand gebracht door de organisator(en), vrijwilligers, attente soundman en crew. Zij verdienen allen een ‘gros bisou’ zoals Tchakounte op mijn hem voorgelegde albumboekje neerschreef.

Marcie

Foto © Manon Houtackers en Eric Schuurmans

meer foto's

 

 

Roland Tchakounte : VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3 - VIDEO 4

 

Blues Karloff : VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3 - VIDEO 4 - VIDEO 5

 

The Blue Chevy’s : Snakes - Shake ‘m (El Fish) - Loving Fool & Never Can Tell - One More Time

 

The Give’em Hell Boys : VIDEO 1 - VIDEO 2 - VIDEO 3

 

Neris, Brie & Beer : VIDEO 1 - VIDEO 2

Artiest info
website  
facebook  

GC DE ROOS, GLABBEEK - 16/04/16

 

Neris, Brie & Beer 

The Give’m Hell Boys Blues

The Blue Chevy’s

Blues Karloff Band

Roland Tchakounté