FRED CHAPELLIER & THE GENTS - Featuring DALE BLADE - SET ME FREE

Het getuigt van bescheidenheid wanneer men, zelf zanger zijnde, de vertolking van eigen songs niettemin aan iemand anders toevertrouwd. Fransman Fred Chapellier, virtuoze gitarist, deed dat in het verleden al enkele keren en vroeg aan o.m. Otis Clay en Billy Price, om op zijn albums de zang op zich te nemen. In ‘Set Me Free’ vond hij in Dale Blade, geboren in New Orleans, de ideale muziekmaat om zowel alle opgenomen songs te vertolken als aan enkele ervan mee te schrijven. Naar eigen zeggen vond Chapellier er plezier in om zich nu eens volledig aan zijn gitaarspel te wijden, al deed hij dat in het verleden toch ook uitstekend in zijn zes solo-albums. In 2014 ontmoetten Chapellier en soulman Dale Blade elkaar op het 'Cahors Blues Festival', waar de kiem werd gelegd voor dit gezamenlijk project. Zij stonden destijds samen op het podium tijdens hun interpretatie van het soulvolle ‘The Clock’ dat ook op dit album terecht kwam. Zijn stemkleur doet hierbij denken aan deze van Ted Hawkins, leunt ook aan bij deze van Lil Milton, maar is verder volkomen uniek zoals hij zich ingraaft in het droeve ‘Old School Blues’.

Dale Blade, zoon van een jazzzanger, was aanvankelijk trompettist vooraleer hij zich als zanger profileerde. Opgegroeid in de Treme wijk zag hij bij wijze van spreken de ‘Second Line Bands’ voorbij zijn deur passeren. Sindsdien bleef hij de spirit van New Orleans uitdragen wat je hoort in een song als het swingende ‘I’m Back’. Behalve op bluesheld Dale Blade kan Fred Chapellier echter ook rekenen op de bandleden van ‘The Gents’, die met harmonica, bas, drum en toetsen de vocalen van Dale Blade omringen en in de twee instrumentale nummers elkaar groovy vinden. Chapellier, geboren in Metz, weet zijn muzikanten te kiezen. Al twintig jaar is hij actief in het Franse bluescircuit, daartoe van jongs af aangemoedigd door zijn oudere broers. Hij begeleidde inmiddels vele internationale bluessterren, o.m. Neal Black en Tom Principato. Opgroeiend in Noordoostelijk Frankrijk stond hij eveneens open voor Afro-Amerikaanse invloeden, al was ook Roy Buchanan een van zijn rolmodellen aan wie hij trouwens een album opdroeg. Geboren in 1966 had hij in 1992 reeds zijn eerste band en sindsdien bleef hij zich stelselmatig als muzikant vernieuwen.

Dat zijn roeping in het muzikantenleven ligt belijdt hij in de song ‘Thank You Lord’, het enige nummer dat hijzelf zingt. Hij hoeft dan geen superstar te worden maar gitaar spelen en met zijn blues het publiek raken hetzij entertainen blijkt zowat zijn ultieme doel. Ook in de song ‘My Reason To Live’, met fijne harmonicabegeleiding, bevestigt hij zijn geloof in de toekomst van de blues, dat hij nog laat volgen met een schitterende gitaarsolo. Dale Blade van zijn kant bezingt de liefde, zowel voor zijn liefje, het lichtpunt van zijn leven, als voor het vakantielief in het soulvolle ‘Love Holiday’, met behalve gitaar ook de sensuele sound van een harmonica. In enkele songs, het verbitterde ‘I Don’t Wanna Know’ en de slowblues ‘Crying With The Blues’, overheerst echter het hartzeer omwille van het vertrek van de trouweloze vrouw. In ‘Bet On The Blues’ hoor je de bezetenheid van een gokker die hoopt op een laatste gelukkige inzet. Het album is verzorgd uitgebracht met foto’s en teksten, steeds een meerwaarde bij een bluesalbum. En dat dit collectief Live in Puurs op het Duvel Blues Festival zal spelen is een Bonus waar we nu al erg naar uitkijken.

Marcie

 

 

 

 

Artiest info
Website  
 

Label: Dixiefrog Records

video