THEA HOPKINS - LOVE COME DOWN

Ik ben bang dat ik heel veel woorden uit de kast ga moeten halen om een heel klein plaatje onder uw aandacht te brengen. Dat “heel klein” slaat dan op de duurtijd (21 minuten) en het aantal songs (6), maar verder kan ik mijn schrijfsel aanvatten met een hele rij uitroeptekens, want deze “Love Come Down”, de vierde van de vanuit Boston opererende Thea Hopkins is noch min noch meer een pareltje, een heus meesterwerkje.

Thea Hopkins is van Indiaanse komaf, maar heeft ook Afrikaans en Portugees bloed in de aderen zitten en dus kun je van haar verwachten dat ze iets heeft met verhalen vertellen, want dat is precies wat ze op deze plaat doet. Overigens blijkt ze ook een meesterlijk schrapper te zijn, aangezien ze slechts zes songs overhield voor deze plaat, iets wat ze ook eerder al deed op “Lilac Sky”. Dat is dus echt een artieste naar ons hart, zie: we moeten het hier iets te vaak naar onze zin schrijven: beter een korte plaat met goeie songs dan een “volwaardige” met de helft vulling erop.

Een veelschrijfster is Thea zeker ook niet, want twee grote en twee kleine platen in zeventien jaar tijd wijst op precisie en zelfkritisch bekijken. Met resultaat, zo blijkt, want wie haar een beetje gevolgd heeft, weet dat haar naam eigenlijk voor het eerst wat ruimer bekend werd, toen Peter, Paul & Mary in 2004haar “Jesus is on The Wire” opnamen, een song uit haar eerste plaat “Birds of Mystery”.

Als we het lijstje van medewerkers aan deze plaat erop na slaan, blijkt daar ene Noel Paul Stookey tussen te staan en laat dat nu toch die “Paul” van bij Peter en Mary zijn. Hij speelt en zingt mee op “The Ghost of Emmett Till”, een song over een zwarte jongen van zestien, die in 1955 gelyncht werd omdat hij in een winkel een blank meisje betast zou hebben. Dat verhaal bleek verzonnen te zijn, maar Emmett was wel dood en -typisch Amerika- de blanke jury sprak de blanke daders vrij…Het hele voorval werd uiteindelijk wel een katalysator in de strijd van de zwarte Amerikanen voor gelijkberechtiging.In die song is een voorname rol weggelegd voor de droevige trompetklanken van jazzman Tom Halter, die verder ook te horen is op “Almost Upon a Time”, dat dan weer drijft op een schitterende pianopartij van Tim Ray, die ook al eerder met Thea samenwerkte, maar wiens pianoklanken we toch vooral kennen van zijn werk met Lyle Lovett.

Op “Tamson Weeks” wordt de hoofdrol -naast de stem van Thea- opgeëist door de viool van Mimi Rabson van The Really Esoteric String Quartet. Die song handelt over de overgroottante van Thea, die medicijnvrouw was van de Aquinnah Wampanoag indianenstam in Martha’s Vineyard. “Mississippi River”ruimt dan weer veel plaats in voor de electrische e-bow gitaar van Dave Minehan van The Replacements, die mooi duelleert met de banjo van Thea.

De weg van de luiaardij zou een mens kunnen laten vermelden dat Thea wat van Buffy Ste Marie heeft. Dat klopt niet: ze heeft veel meer van Joni Mitchell of Nick Drake. Die stem is volslagen uniek en zeer herkenbaar, maar vooral: ze is een songschrijver van het allerhoogste niveau geworden, die daarenboven zodanig selectief met haar eigen werk omgaat, dat echt alleen het allerbeste goed genoeg is. In dit geval levert dat een wondermooie plaat op, waar een paar nummers met eeuwigheidswaarde op staan. Wie hier niet voor valt, moet dringend zijn oren laten nakijken!

(Dani Heyvaert)

Artiest info
Website  
 

video