SUMIE - LOST IN LIGHT

Sandra “Sumie” Nagano, het Zweeds-Japanse zusje van Yukimi van Little Dragon, verscheen pas op haar veertigste aan het oppervlak, toen ze eind 2013 debuteerde met een redelijk fantastische en titelloze plaat, die misschien niet de grootste verkoopcijfers realiseerde, maar in kringen van indie-pop liefhebbers hoge ogen gooide en ook bij de gasten van The Colorist voor enige uitroeptekens zorgde. Dat duo, Aarich Jespers en Kobe Proesmans, is zich sindsdien gaan toeleggen op het deconstrueren van songs van vrouwelijke singer-songwriters en de resultaten van die herinkleuringen leerden we met z’n allen dan weer kennen via Emiliana Torrini en recent Lisa Hannigan. Wat dit met deze CD te maken heeft? Gewoon: Sumie was éérst en daar was toen volop reden toe, want die debuutplaat wàs indrukwekkend.

Nu is er dus opvolging en die liet wel even op zich wachten, maar ze is de moeite van het wachten méér dan waard, zo blijkt na enkele tientallen luisterbeurten, die me overigens uitsluitsel brachten over de vraag op wiens stem die van Sumie het meest lijkt. Je leest immers vergelijkingen met Hope Sandovan van Mazzy Star en Beth Gibbons van Portishead, maar geen van deze beide vergelijkingen lijkt me te kloppen. Eerder nog dacht ik aanMargo Timmins van The Cowboy Junkies of, meer recent, Lana del Rey of Agnes Obel, maar sinds vorig weekend wéét ik het gewoon: leg een vroege elpee van Nancy Sinatra op de draaitafel en je hoort het tweelingzusje van Sumie’s stem.

Maar nu terzake: voor de nieuwe plaat nam Sumie de tijd, ook al omdat de nasleep van het debuut nogal indringend en veeleisend was geweest. Sumie ging boeken lezen -veel boeken- en film kijken -veel films. Beide brachten haar inspiratie voor de negen songs op de plaat en die songs kan je het best omschrijven als muzikale schilderijtjes, waarmee Sumie allerlei beelden oproept en die dus kunnen doorgaan voor stilstaande beelden uit een film die zich voor hààr geestesoog afspeelt.

“Divine Wind” is op dat vlak het meest in het oog springende voorbeeld, want geïnspireerd door en genoemd naar het gelijknamige gedicht van Daniel Klevheden. Ook opener “Fortune” straalt dat filmische uit: één akoestische gitaar als ruggengraat voor een ogenschijnlijk rustig klinkende, maar tekstueel erg indringende song, die trouwens mooi mee warm gehouden wordt door de backing vocals van Peter Broderick, die we ook kennen van bij Efterklang of Chantal Acda. In het trage walsje “Night Rain” wordt de show gestolen door de trompet, die heerlijk contrasteert met de sloom dansende piano en “Leave Me” is pure Leonard Cohen-in-vrouwengedaante.

Zo laat op het jaar doet Sumie, wellicht onbedoeld, nog een gooi naar de eindejaarslijstjes en, als ze daar in terecht zal blijken te komen, zal dat niet meer dan verdiend zijn. Deze prachtplaat levert overigens ook nog maar eens het bewijs dat ze bij Bella Union, het label van Cocteau Twin Simon Raymonde over een serieus stel oren beschikken en volkomen terecht dit juweelstje van songwriting in hun catalogus opnamen.

(Dani Heyvaert)

 


Artiest info
Website  
 

Label: Bella Union
distr.: PIAS

video