VOICES OF ASHKENAZ - VOICES OF ASHKENAZ

Als ik iets zinnigs wil meegeven over deze CD, past een beetje geschiedenis, om te duiden waar we het over hebben. De Term “Ashkenaz” komt uit het Middeleeuws Hebreeuws en verwijst naar de regio waar Yiddish gesproken werd, maar dat Duitssprekend grondgebied was. Op die manier was een “Ashkenaz-Jood” simpelweg een Jood die in dat deel van de wereld woonde en Westers-Yiddish sprak. Die taal lag vrij dicht bij het Midden-Hoog-Duits van die tijd.

Vanaf dan wordt het wat ingewikkelder: de Westerse Joden werden uit hun habitat verdreven bij de pogroms in de nasleep van de Zwarte Pest en van de Kruistochten. Velen verhuisden naar Polen en Litouwen, waar in de loop der tijden een “Oosters-Yiddish Askenaz” ontstond. Die regio werd het spirituele en intellectuele centrum van het Europese Jodendom en bleef dat tot de Holocaust. In die periode gebeurde iets merkwaardigs: de Joden pasten zich niet volledig aan hun nieuwe omgeving aan, maar hun taal vervormde van Westers naar Oosters-Yiddish, een taal, die uiteindelijk de moedertaal zou worden van ruim tien miljoen Joden, niet alleen in Oost-Europa, maar wereldwijd.

Op deze CD, bijeengespeeld door zes muzikanten van verschillende komaf (USA, Ukraine, Israel, Duitsland) wordt een greep gedaan in de liederenschat, die in die eeuwen ontstond en die vaak verwijst naar Duitse en Westeuropese onderwerpen, die soms melodieën “leent” van dingen, die ook wij al eeuwen kennen. De muzikanten stelden zich de vraag hoe de reis van die liederen verlopen was: namen de migranten de liederen met zich mee? Werden ze verspreid via bladmuziek? Reisden ze mee met Askenazi die van de ene naar de andere gemeenschap trokken?

Dat levert op dit schijfje 71 minuten schitterend materiaal op, gaande van klapdansjes, die ook bij ons in volksdansmiddens gekend zijn -ik denk nu aan opener “Patsh & Klats” tot een droevige ballade, die “Unmögliche Dinge” getiteld is, maar die wij kennen als “Scarborough Fair”. We komen ook te weten dat de Yiddishe klassieker “Tumbalalalayka” een haast even oude Duitse zusterversie kent, met haast identieke tekst, maar lichtjes gewijzigde melodie.

Joodse songs hebben heel vaak een raadseivorm en die blijkt ook in Duitse evenknieën voor te komen, zoals blijkt uit “Tetenish”, alweer een volkswijsje dat ook bij ons op het repertoire van de oerfolies van de jaren ’60 stond. Of neem nu “Snider-Sher”, zo’n typische squaredans: werd heel populair in Joodse middens, maar blijkt ook een Duitse zus te hebben en het laatste deel is zelfs ooit bij het Brabants Volksorkest beland.

Enfin, om kort te gaan: het zestal diepte in totaal veertien liederen en dansen op, die mooi illustreren hoe muziek heen en weer kan reizen en dat levert een juweel van een plaat op, die mij maar met één vraagteken achterlaat: waarom krijgen we een project als dit niet te zien in ons kleine landje? Zo ver ligt Duitsland hier toch niet vandaan? Tot het zover is, kan ik me wel troosten met deze pracht-CD, waar overigens veel meer dan alleen maar luisterplezier aan te beleven is: de teksten staan in het Yiddish en in het Engels in het boekje en ik vond het bijzonder amusant gelijkenissen te zoeken tussen dat Yiddish en ons Vlaams: verbazend, hoezeer die beide dialecten op elkaar lijken. En jawel hoor: ook de dingen die wij hier kennen als “de snijdersbank” hebben Jiddische tegenpolen… Heerlijke plaat!

(Dani Heyvaert)

 


Artiest info
Website  
 

label: CPL Music

video